Aantal woninginbraken in ons land daalt: "Sterke wijkwerking werpt vruchten af"

Publicatiedatum

Auteur

Franky Demon

Deel dit artikel

Woninginbraken blijven een reëel probleem, ondanks steeds meer dichtbevolkte en ook beveiligde woonomgevingen. Uit recent opgevraagde cijfers blijkt dat het aantal woninginbraken in ons land de afgelopen jaren gedaald is, maar met opvallende uitschieters in de donkere wintermaanden en in Brussel. Het opdrijven van het aantal wijkagenten is alvast een goede oplossing voor dit aloude probleem. Desondanks de daling die we waarnemen, blijven woninginbraken een reëel probleem, met inbrekers die alsmaar vernuftiger worden. Het is dus belangrijk om onze wijkagenten en bestaande BIN’s ook te versterken. Wijkagenten zijn de ogen en oren van woonwijken, en moeten deze uitdagingen steeds de baas blijven.

Algemene daling van aantal woninginbraken, provinciale verschillen

Het totaal aantal geregistreerde woninginbraken is teruggevallen van bijna 50.000 inbraken in 2019 tot ongeveer 38.000 woninginbraken in 2023. Brussel bleef absolute koploper betreffende het aantal woninginbraken, met maar liefst 6.718 geregistreerde feiten, gevolgd door Henegouwen. Brussel telt in 2023 net geen drie keer meer feiten dan West-Vlaanderen en ruim vier keer meer feiten dan Limburg. Luik en Antwerpen doen het niet goed. De provincie met de minste geregistreerde feiten is Luxemburg met slechts 708 feiten in dat jaar. West-Vlaanderen bevestigt de trend van de daling en doet het relatief goed ten opzichte van de andere provincies. In 2019 telde de provincie 2.750 woninginbraken en in 2023 waren dat er nog 2.294. Binnen West-Vlaanderen telde de politiezone Vlas (Kortrijk, Kuurne en Lendelede) de meeste inbraken (293) in 2023, gevolgd door politiezones Brugge (235) en RIHO (228). Anderzijds doen politiezones Spoorkin, Middelkerke en Midow het bijzonder goed, met opvallend lage cijfers. Ook in het eerste trimester van 2024 blijft PZ Vlas koploper met 67 feiten.

In het eerste trimester van 2024 werden al 9.730 woninginbraken geregistreerd in ons land. Brussel blijft koploper, gevolgd door Luik en Antwerpen. Het is opvallend dat Brussel door de jaren heen steeds het hoogste aantal woninginbraken kent. De veiligheidssituatie in onze hoofdstad is dringend aan verbetering toe: daarom pleiten we ook voor een ééngemaakte politiezone waarbij de nabijheid van agenten steeds gewaarborgd wordt. In het belang van elke burger en elk gezin dat zich thuis wil voelen in zijn of haar woonwijk. Wat cd&v betreft zijn wijkagenten daarbij de spil: lokale politiezones en wijkagenten spelen hier echt een sleutelrol: zij zijn de ogen en oren van woonwijken en staan het dichtst bij de bewoners. Meer wijkagenten in de buurt en een betere werking kan het aantal woninginbraken nog meer doen dalen. Cd&v pleit al langer voor meer wijkagenten, via onder meer functietoelages, flexibelere arbeidsuren en meer administratieve ondersteuning zodat de agenten meer tijd op het terrein kunnen doorbrengen in plaats van op kantoor.

De ene inbraak is de andere niet

Naast provinciale verschillen, kan er ook een onderscheid gemaakt worden tussen inbraken waarbij de inwoners de dader op heterdaad betrappen of waarbij de inbreker ongemerkt kan binnen-en buitensluipen. In 2023 werd de inbreker in slechts 2% van de gevallen op heterdaad betrapt. Hoewel dat aandeel eerder klein lijkt, is het wel toegenomen in de afgelopen jaren: van 1,4% in 2019 naar 2% in 2023 om precies te zijn. Deze stijging is echter niet vast te stellen in West-Vlaanderen, het aantal blijft stabiel. Een ongewenste confrontatie met iemand met slechte bedoelingen kan zeer angstaanjagend en zelfs traumatisch zijn. Daarbij speelt de lokale politie eveneens een belangrijke rol: zij zijn ook betrokken bij het verder opvolgen en ondersteunen van het slachtoffer na afloop van dergelijke situaties.

Wat betreft de timing, blijven de piekperiodes voor woninginbraken de wintermaanden. Tijdens deze donkere maanden wordt het ‘s avonds vroeger duister en blijft het ‘s morgens langer donker, waardoor de kans op detectie kleiner is. Mensen zijn bovendien vaak buitenshuis en er valt al wel wat moois te rapen zoals cash of zelfs geschenken.

Liever een goede buur dan een verre vriend

Een sterke wijkwerking, waar alle bewoners zich veilig voelen bestaat uit twee zaken. Naast voldoende wijkagenten, zijn ook buurtinformatienetwerken, de zogenaamde BIN’s, een krachtig instrument tegen overlast en criminaliteit. Via deze netwerken slaan buurtbewoners, politie en lokale overheden de handen in elkaar om verdachte situaties sneller op te merken en elkaar te waarschuwen. De nadruk ligt op preventie en een vlotte uitwisseling van informatie. Het is eigenlijk een soort ‘co-productie’ van veiligheid: de wijkagenten en de bewoners zelf trachten de veiligheid in de buurten te garanderen, elks met hun eigen rol en op hun eigen manier. Dat deze BIN’s een belangrijke rol spelen in onze buurten, blijkt ook uit andere cijfers die ik opvroeg. Zo werden er tussen 2023 en 2024 in ons land 41 nieuwe BIN’s opgericht; hetgeen bijna een verdubbeling is in vergelijking met de 21 nieuwe netwerken het jaar voordien. BIN’s zijn vooral een bekend fenomeen in Vlaanderen. Zo telde de Vlaamse gemeenschap maar liefst 1050 buurtinformatienetwerken, terwijl dat in Wallonië er maar 307 zijn en in Brussel 14. Het een en ander heeft natuurlijk ook te maken met demografische en geografische eigenschappen. Naast een veiligheidsfunctie, fungeren de BIN’s ook als sociaal instrument: BIN’s zijn niet alleen een bijzonder nuttig en succesvol instrument tegen bijvoorbeeld woninginbraken, ze versterken ook de sociale cohesie in een wijk. De netwerken zorgen ervoor dat mensen elkaar écht leren kennen en dat de buurman van aan de overkant geen onbekende meer is.

Besluit: we moeten verder inzetten op enerzijds de ondersteuning en toename van de wijkagenten enerzijds en van buurtinformatienetwerken anderzijds, en dat in het belang van elke burger en elk gezin dat zich thuis wil voelen in zijn of haar woonwijk. Voor cd&v zijn wijkagenten de spilfiguren in veilige straten en wijken. Een mooie aanvulling daarbij zijn de buurtinformatienetwerken (BIN’s) waarbij buren in nauw contact zijn met elkaar en verdachte veranderingen of situaties gemeld worden aan elkaar. Nabijheid is hier echt het sleutelwoord. 

Nieuws

Ook kleinere gemeenten verdienen meer veiligheid

Vandaag stelde ik in het parlement opnieuw een duidelijke vraag aan de minister: hoe wil hij niet alleen in Brussel, maar ook in kleinere steden en gemeenten opnieuw van lokale veiligheid een echte prioriteit maken? De aanleiding was de aankondiging van extra politie-inzet in Brussel, iets wat ik uiteraard steun. Maar terwijl we investeren in onze grote steden, mogen we niet blind zijn voor wat er elders gebeurt. Veiligheidsproblemen stoppen namelijk niet aan de stadsrand van Brussel, Gent of Antwerpen.

Wulgenbroeken, mooi natuurgebied voor Sint-Michiels

Stad Brugge gaat over tot het aanschaffen van ruim 16 hectare natte gronden ter hoogte van de Heidelbergstraat in Sint-Michiels, in het gebied gekend als de Wulgenbroeken. Met deze strategische verwerving wil de Stad de waterbuffering langs de Lijsterbeek versterken, extra ruimte creëren voor natte natuur en nieuwe kansen bieden voor zachte recreatie.

Cd&v vraagt invoering nieuwe Overlastwet: "Burgemeesters staan voor nieuwe veiligheidsuitdagingen maar beschikken over onvoldoende instrumenten"

Vandaag waren collega Kris, collega Sammy en ik in Roeselare voor een persmoment over een onderwerp dat steeds meer Vlamingen raakt: veiligheid in onze buurten. Het onveiligheidsgevoel bij de inwoners staat op het hoogste peil in 20 jaar, en overlast is een van de belangrijkste oorzaken. Van drugsgebruik en vechtpartijen tot daklozen die ronddwalen en gezinnen angstig maken: onze burgemeesters staan elke dag aan de frontlinie, maar beschikken niet altijd over de instrumenten om doeltreffend in te grijpen.