Leegstaande federale overheidsgebouwen blijven belastingbetaler miljoenen kosten

Publicatiedatum

Auteur

Franky Demon

Deel dit artikel

De leegstand van federale overheidsgebouwen blijft een structureel probleem. Uit het antwoord van minister Matz op mijn parlementaire vraag blijkt dat er in heel België momenteel meer dan 380.000 m² vloeroppervlakte volledig of gedeeltelijk leegstaat. Dat komt overeen met een leegstandspercentage van 5,43% van het totale patrimonium. De cijfers zijn zorgelijk. In tijden van begrotingscrisis blijft de federale overheid miljoenen euro’s verliezen aan gebouwen die grotendeels stof staan te vergaren. Dat is geld van de belastingbetaler dat letterlijk niets opbrengt.

Nieuwe cijfers, zelfde probleem
De problematiek is niet nieuw. In juli 2024 kaartte ik het dossier rond het Financiecentrum in Brugge al aan, waarvoor jaarlijks 2,4 miljoen euro huurgeld werd betaald terwijl het leegstond. Daarom vraag ik jaarlijks de cijfers over de leegstand op bij de minister bevoegd voor de Regie der Gebouwen. Tot mijn verbazing krijg ik elk jaar andere gegevens. De Regie der Gebouwen lijkt elk jaar naar nieuwe manieren te zoeken om mijn vragen op een zo vaag mogelijke manier te beantwoorden. Zo beweert men bijvoorbeeld dat het onmogelijk zou zijn om de historische evolutie van de leegstandscijfers te bezorgen. Men kijkt blijkbaar niet verder dan de dag van vandaag. Ik vraag mij oprecht af hoe men met een dergelijke houding een degelijke beheersstrategie kan ontwikkelen voor het federaal vastgoedpatrimonium. Het wordt hoog tijd dat de bevoegde minister eens orde op zaken stelt bij haar diensten.

Minister Matz stuurde recent naar elk Kamerlid een brief met daarin de aankondiging dat ze een eerste versie van het federale digitaal vastgoedkadaster klaar heeft. Voorlopig zullen enkel de leden van de Kamer dat kadaster kunnen inkijken. Een eerste kleine stap. Het mag daar echter niet bij blijven. Minister Matz moet nu snel met dat kadaster aan de slag om waar mogelijk het gebouwenpatrimonium te rationaliseren en middelen efficiënter in te zetten. Daarbij denk ik aan het inzetten op het onderhoud van de infrastructuur van de Federale Politie en Justitie waar de plafonds – letterlijk – naar beneden vallen, of aan het toegankelijk maken van overheidsgebouwen voor personen met een handicap.

Ook in West-Vlaanderen heel wat leegstand
Ook in West-Vlaanderen staan heel wat overheidsgebouwen leeg. Er zijn 11 sites van de Regie der Gebouwen in West-Vlaanderen die geheel of gedeeltelijk leegstaan. In totaal goed voor zo’n 11.883 m². Daarnaast blijft er in West-Vlaanderen ook nog eens 13.859 m² aan gehuurde oppervlakte, verspreid over een vijftal sites, ongebruikt. In West-Vlaanderen worden gebouwen met potentieel jarenlang verwaarloosd. Lokale besturen schreeuwen vaak om ruimte voor dienstverlening, maar de federale sites blijven ongebruikt.

Minister blijft vaag over kostenplaatje
Opvallend: de minister kon of wou geen duidelijkheid geven over de jaarlijkse huurkost van de leegstaande gebouwen. Ik vind dat best opmerkelijk, want in het verleden kon men dit wel achterhalen. Iedere eigenaar, elk bedrijf, elke gemeente weet perfect hoeveel huur er betaald wordt en welke ruimtes leegstaan. Zij treden op als een goede huisvader. Dat de minister dat niet kan of wil meedelen voor de federale gebouwen, zegt alles over het huidig beleid.

Cd&v vraagt versnelling en concrete actie
Sinds 2019 werden weliswaar 270 gehuurde gebouwen afgestoten, goed voor ruim 313.000 m², maar de leegstand blijft hoog. Het regeerakkoord voorziet een reductie van 15% van de gehuurde kantoorruimte tegen 2028, maar volgens mij gaat dit veel te traag. Er is nood aan een strategisch en proactief beleid. Daarnaast dringt een versnelde verkoop of herbestemming van leegstaande panden zich op, en tot slot is er nood aan een transparant overzicht van de werkelijke kosten van deze leegstand. We kunnen het ons niet veroorloven om miljoenen euro’s weg te smijten aan deze leegstaande gebouwen.

Nieuws

Plenaire vraag over de hervormingen van de brandweer

Onze brandweerlieden staan elke dag voor anderen klaar. Of het nu gaat om een woningbrand, een verkeersongeval of een medische interventie: zij zijn vaak als eersten ter plaatse wanneer mensen hulp nodig hebben. Dat engagement verdient niet alleen waardering, maar ook een beleid dat hen ondersteunt en versterkt.

Net daarom volg ik de geplande hervormingen van de brandweer van nabij op. Dat de regering werk wil maken van een modern personeelsbeleid is een goede zaak, maar de recente aankondiging van een staking van onbepaalde duur door de brandweervakbonden toont aan dat hervormingen alleen kunnen slagen wanneer er voldoende overleg en draagvlak is.

Plenaire vraag over de veiligheid van onze stations

Tijdens de plenaire vergadering van de Kamer bracht ik de veiligheid in en rond onze stations opnieuw onder de aandacht. Recente incidenten tonen aan dat stationsomgevingen nog te vaak geconfronteerd worden met geweld, overlast en criminaliteit. Wie de trein neemt, moet zich veilig kunnen verplaatsen. Dat mag geen discussiepunt zijn.

Werken aan Gentpoort gestart

Op maandag 15 juni 2026 start aannemer Persyn met de heraanleg van de kruispunten R30/Gentpoortstraat/N337 en N337/Nijverheidsstraat/Daverlostraat. Met dit grootschalige project willen het Agentschap Wegen en Verkeer, De Vlaamse Waterweg, Farys en Stad Brugge de verkeersveiligheid aan de Gentpoort aanzienlijk verbeteren. Het knooppunt geldt als een van de drukste en meest complexe verkeerspunten in de stad.